Van Vientiane naar Chengdu

We zijn met smoorheet weer vertrokken uit Vientiane. De temperatuur was 38 graden en de luchtvochtigheid bedroeg 75%. Nadat we net bij Maaike, de dochter van Joan, weg zijn gereden, blijft de camper met de op het dak bevestigde reservewielen aan een paar te laaghangende stroomdraden hangen. De uitschuiftrap uit de bagageruimte biedt uitkomst. Nadat we de boel weer hadden losgetrokken, konden we dan eindelijk de stad uitrijden, richting Luang Prabang. Het verkeer is redelijk chaotisch en we maken weinig kilometers per uur. We mogen blij zijn als we het toeristenstadje Vang Vieng in de namiddag bereiken. De weg is erg druk en we belanden net voordat het donker wordt op de oude startbaan, waar we ook op de heenreis hebben geslapen. Vanuit Vang Vieng is het een dag flink doorrijden om in Luang Prabang te komen. We plaatsen de camper in de schaduw van een paar grote bomen aan de oever van de Mekong. Het stadje is altijd druk. Veel toeristen uit Europa, die de oude mooie binnenstad, de authentieke tempels en ook de vele leuke restaurantjes en barretjes bezoeken. We gaan een dagje varen met een klein bootje over de Mekong en bezoeken een grot, waarin men een hele tempel met veel Boeddhabeelden heeft gebouwd. Een jonge Boeddhistische novice van een jaar of 12 geeft ons zaklantaarns en loopt met ons mee om te voorkomen dat we onze benen breken op de oneffen trappetjes die de grot ingaan. Ook bezoeken we een dorpje waar men Lao Lao stookt van rijst. Het gefermenteerde goedje heeft een alcoholpercentage van 60%. Je kunt er een straalmotor op laten lopen. We hebben veel belangstelling van toeristen die onze camper zien staan. Het levert allerhande interessante gesprekken op. We doen inkopen voor de komende weken. In Laos zijn veel Europese producten te krijgen, waaronder heerlijk Frans brood. Dat gaat ons in China niet lukken. Vanuit Luang Prabang gaan we richting het Noorden. We moeten naar de grens, maar dat halen we niet in een dag. Dus stoppen we onderweg in het stadje Udonxai, bij een hotelletje waar we ook de heenreis mochten parkeren. De manager is uiterst behulpzaam. De volgende dag laten we onze auto nog wassen, want onderweg is de buitenkant roodgeel van de modderplassen geworden. Met z’n 5en gaan ze de auto te lijf. Kosten 5 euro inclusief afdrogen. Daarna vertrekken we via een smalle hooggelegen bergweg naar het grensplaatsje Boten. We rijden door een straatarm gedeelte van Laos. De hutjes onderweg zijn van bamboe en riet gemaakt, maar er zit wel een schotelantenne op het dak. Opvallend. We komen in de namiddag bij een soort van douanepost, ongeveer 10 kilometer voor de grens zelf. Het stortregent en het is er een grote modderpoel. Alleen maar gaten in het wegdek, voor zover dat er is. Nu is het uur van de waarheid gekomen. Omdat we de camper veel te lang in Laos hebben moeten laten staan, moeten we volgens de Laotiaanse importpapieren een boete betalen van 5 of 10 dollar per dag, al naar gelang de reden van het te lange verblijf. Dat kan in ons geval oplopen van minimaal 1100 dollar tot 2200 dollar. Gelukkig zijn we met brieven van het UMCG, Fiat Talsma, de Canadese- Laotiaanse garagehouder Mike Murphy en de zelf geknipte/geplakte verklaringen naar een Engelssprekende hoge ome van de douane in Vientiane gegaan. Hij was zodanig onder de indruk van alle onheil dat ons was overkomen dat hij een, in het Lao opgesteld, briefje aan de stapel heeft gehecht. Daarin vraagt hij de douane collega’s aan de grens om ons gewoon door te laten gaan. Maar de eindbeslissing over de hoogte van de boete is afhankelijk van de dienstdoende ambtenaar aan de grens. De douane mensen van het douanekantoortje maken kopieën van alles en het duurt lang. Maar na overleg en telefoneren neemt men alle documenten van ons over en we mogen doorrijden. We besluiten opgelucht om eerst maar te gaan slapen in het plaatsje Boten. Het lijkt wel of men er een groot belastingvrij paradijs voor grensoverschrijdende Chinezen van wil maken. Er worden enorme shopping malls gebouwd. Het oude stadje is nauwelijks meer te zien. De volgende morgen komen we bij de echte grens aan. De Laotiaanse immigratie officieren eisen de uitreispapieren van de auto. We schrikken enorm, want die hebben we gisteren bij de douane al ingeleverd en ondanks ons verzoek hebben we geen kopieën meegekregen. We worden onverbiddelijk teruggestuurd. Met de schrik om het hart, want misschien moeten we toch nog veel geld betalen. We rijden weer terug over het totaal kapotgereden stuk weg. Toevallig is dezelfde officier, die ons gisteren zonder kopieën heeft doorgestuurd, weer aanwezig en hij vist onze paperassen net op tijd uit een reeds gesloten postzak. Nadat we een kopie van hem mee hebben gekregen melden wij ons weer bij de grens. Ook hier bestudeert men het Laotiaanse kladje van de hoge ome uitvoerig. Dan valt de beslissing. We mogen zonder kosten het land uit. Blij en opgelucht rijden we het niemandsland tussen Laos en China binnen.

Bij de Chinese grenspost gaat het afhandelen erg professioneel. We zien onze nieuwe verplichte gids aan de andere kant staan en maken kennis. Andy zal 30 dagen lang onze China tour begeleiden. We kunnen vrij snel langs de diverse kantoren voor de benodigde stempels en rijden zonder douane inspectie het grote land China weer binnen. Wat een verschil met vorig jaar aan de grens tussen Mongolië en China, waar het 2 dagen duurde om verder te kunnen rijden. Het allereerste dat ons opvalt is het verschil in activiteiten van de lokale bevolking. We vragen ons af waarom men in Laos vlakbij de grens niets doet en men hier bruist van energie. Ook hier zijn arme drommels, maar ze doen wat om aan de kost te komen. Al is het maar vuilnis bij elkaar scharrelen. We rijden naar het plaatsje Mengla waar we ons Chinees kenteken en voor Joan een rijbewijs ontvangen. Ik ben met mijn 70 jaar officieel te oud om in China te mogen rijden. Maar onze gids blijkt er geen moeite mee te hebben als ik achter het stuur zit. Alleen bij controleposten wisselen we even van bestuurder. We rijden in een paar dagen met afwisselende landschappen en slaapplaatsen in kleine dorpjes, naar de oude stad Dali. In de binnenstad heeft men de oude straatjes erg mooi in stand gehouden. Het is de stad van de Bai minderheid. Vooral de vrouwen gaan prachtig mooi gekleed de straat op om hun boodschappen op de markt te doen. Na Dali gaan we verder naar het Noorden, naar de stad Shangri La. Onderweg gaan we langs een schitterende diep kloof waar, volgens het verhaal, vroeger een reuzentijger overheen is gesprongen. De Tiger Leaping Gorge is via een stelsel van trappen te bereiken en is de moeite waard om te zien. Het water van de Yangtze rivier wordt door grote rotsblokken belemmerd en raast erlangs met donderend geweld. We rijden langs dezelfde gevaarlijke bergweg, zonder enige vangrail aan de steile randen, terug om daarna via een mooie en beveiligde 2 baansweg naar het hooggelegen Shangri La te gaan. We merken dat de ademhaling lastiger is en dat we geen grote krachttoeren moeten uithalen. Het slapen gaat ook onregelmatig op een hoogte van 3400 meter. De oude houten binnenstad is in 2014 volledig door brand verwoest. Maar men is in staat geweest om in 4 jaar tijd bijna alle oude huisjes en winkeltjes weer in stijl te herbouwen. Via een aantal oude dorpen komen we In Leshan, waar monniken in de 8 ste eeuw in 90 jaar tijd een reusachtig Boeddhabeeld van 70 meter hoog in de rotsen hebben uitgehakt. Vanaf de rivier is het beeld goed te zien. Na deze stop gaan we naar de grote miljoenen stad Chengdu. Het is de hoofdstad van de Sichuan provincie en er wonen 16 miljoen mensen op een oppervlakte, zo groot als de provincie Friesland. Hier willen we een paar dagen onze rust nemen, om weer voldoende energie te hebben voor de andere helft van onze China toer.

Na onze vorige oproep, om ook nog de laatste kinderen van de wachtlijst naar school te kunnen laten gaan in Tanjung Priok, kunnen we nu meedelen dat de actie is geslaagd. Het benodigde geld om alle gescreende kinderen te helpen is binnengekomen. Wij willen iedereen die dat mogelijk heeft gemaakt hartelijk bedanken voor de hulp. In een later stadium zullen wij de financiële verantwoording en de lijst met alle kinderen aan eenieder toesturen die daar belangstelling voor heeft.

Groet vanuit een druk, maar mooi Chengdu in de provincie Sichuan.

Geen reactie's

Geef een reactie